Kijkje in de kribbe

Onlangs zag ik via Twitter een foto voorbij komen van @jehadmaar1taak. Op tafels zijn kerstspulletjes uitgestald. En daarboven een rozekleurig A4tje met daarop de curieuze tekst:

“Kerststallen zijn zonder Jezus,”

en in kleinere tekst daaronder:

“die is te verkrijgen bij de Kassa.”

Blijkbaar heeft de uitbater van de supermarkt te maken met belangstellenden die de kribbe met inhoud meenemen zonder daarvoor te betalen en de rest van de stal laten staan…

De kribbe (voederbak) is de plaats geworden van een pril leventje. In plaats van voedsel voor het inwendige dier, ligt er een mensje genaamd Jezus als levend brood voor de hele mensheid.

Door de woorden van de engel die ieder jaar echoën in menig kerkgebouw, bij de mensen thuis, op scholen worden we uitgenodigd om in de kribbe te kijken. De engel zegt: “Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in een doek gewikkeld in een voederbak ligt.” (Lucas 2,12)

Ik kijk in de kribbe. De woorden “in doeken gewikkeld” blijven dit keer bij me haken. Want die doeken komen nog een keer terug in de geschiedenis van Jezus Christus, verderop in het Lucas-evangelie. Dat is het moment dat Hij van het houten kruis op Golgotha wordt gehaald. Zijn dode lichaam met daarop de zweepslagen van de wereld, de uitsluiting en de afwijzing, wordt in doeken gewikkeld en gelegd in een rotsgraf met de steen ervoor (Lucas 23, vers 53 en Lucas 24, vers 2)

Ik laat mijn ogen gaan over wat ik zie in de kribbe. En ik hoor de woorden van de engel: “voor jullie is een redder geboren”. Dat is de kern van het kerstfeest zoals we dat vieren met elkaar, ieder jaar opnieuw: een Cadeau uit de hemel van God. God wordt mens. Hij die Schepper is van hemel en aarde, Hij die groter is dan ons hart, Híj wordt mens in een kribbe. Hij past in twee armen. Die ruimte neemt Hij in tijdens kerst. Hij wordt mens onder de mensen. God schenkt zichzelf aan de mensen. De hemel is zo vol vreugde daarover dat de nacht moet wijken.

De herders in de velden van Bethlehem weten nog van niks. Ze doen hun werk. Net zoals wij onze gewone dagelijkse dingen hebben. School, studie, werken voor de baas of als ZZP’er, moederen, vaderen, actief vrijwilliger zijn voor de kerk of voor de Oranjevereniging of de IJsclub of de voetbalclub bijvoorbeeld. Of druk als mantelzorger. Een sociaal leven onderhouden. Of misschien heb je dat allemaal niet omdat je lichaam en je geest in onbalans zijn, je ziel verwond is, is het leven vechten en word je daar doodmoe van.

Ineens worden die herders daar bij Bethlehem, ineens word jij omarmd door het uitbundige licht van de Heer. En de engel, de boodschapper van God zegt:

“Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen.”

Vandaag is de Redder geboren, zo dansen de woorden door de nacht. Dit Kind met de naam Jezus tilt je op uit je dagelijkse beslommeringen en je laat zien en horen en voelen:

“Jij bent van grote waarde voor God.”

Ja, jij, die nu kijkt in de kribbe.
Liefde die begint in een kind, gewikkeld in doeken.
Niets menselijks is God vreemd.
Een cadeau uit de hemel voor jou.
Daarvoor hoef je niet naar de Kassa.
Er is al voor je betaald.

ds Robert-Jan van Amstel, december 2014
(bovenstaande tekst is opgenomen in de december-uitgave 2014 van Kerkklanken, het kerkblad van de Protestantse Gemeente Zunderdorp)